HVO100 EN VERDUURZAMING

Waarom bedrijven die op HVO vertrouwen straks een probleem hebben

Veel organisaties denken dat hun verduurzaming geregeld is. Ze tanken HVO100, rapporteren forse CO₂-reductie en communiceren trots dat hun wagenpark ‘fossielvrij’ rijdt. Op papier klopt het. Maar klopt het ook in de werkelijkheid?

DE REKENSOM DIE NIET UITKOMT

HVO is alleen duurzaam wanneer het klopt

HVO is alleen duurzaam wanneer het wordt geproduceerd uit echte reststromen: gebruikt frituurvet, afvalolien, restproducten. Die volumes zijn beperkt.

De vraag naar HVO groeit echter explosief. Europa alleen al heeft meer duurzame brandstof nodig dan er wereldwijd aan aantoonbaar beschikbare reststromen bestaat. Dat betekent maar één ding: het systeem leunt op aannames. En zodra een markt afhankelijk wordt van aannames in plaats van fysieke beschikbaarheid, ontstaat risico.

Dat is geen klein detail aan de marge. Het is een fundamentele rekenfout waar de hele sector op gebouwd is. Als we meer verbruiken dan eerlijk geproduceerd kan worden, klopt ergens de boekhouding niet. Wie betaalt het verschil, en hoe?

“De huidige consumptie van HVO100 in Europa overschrijdt al de theoretische maximale productiecapaciteit op basis van échte reststromen.”

BRON: CIRCULARISE — SUPPLY CHAIN TRACEABILITY →

CERTIFICATEN ZIJN GEEN GRONDSTOFFEN

Een certificaat is een administratief document, geen fysieke grondstof

Bedrijven vertrouwen op certificering. Dat lijkt logisch, want een certificaat suggereert controle. Maar een groot deel van de HVO die Europa binnenkomt, komt uit lange internationale ketens. Met meerdere schakels. Meerdere landen. Meerdere audits. Vaak zonder fysieke controle ter plaatse.

Vrijwel alle HVO100 draagt een ISCC-certificaat. In 2023 certificeerde ISCC maar liefst 92,4% van de 3,7 miljard liter hernieuwbare brandstof die in de EU werd geleverd. De vraag die weinig bedrijven stellen: als ik het zelf niet kan verifiëren, wie dan wel?

Wanneer volumes groter worden dan de aantoonbare inzamelcapaciteit, is er geen technisch probleem. Dan is er een structureel probleem.

92.4%

van EU hernieuwbare brandstof gecertificeerd door één instantie

→ ISCC

71.4%

van dat volume afkomstig van buiten de EU, buiten direct toezicht

9%

van UCO-verzamelpunten daadwerkelijk fysiek gecontroleerd

→ T&E

HET REPUTATIERISICO DAT NIEMAND BENOEMT

Dit zijn geen theoretische risico’s

Vandaag rapporteren bedrijven met trots hun CO₂-reductie dankzij HVO. De trend in Europa is duidelijk: regelgeving wordt aangescherpt, controles worden intensiever en CO₂-claims worden kritischer beoordeeld. Wanneer dat gebeurt, verschuift het risico van producent naar gebruiker. Reputatieschade is duurder dan brandstof.

De fraude is gedocumenteerd, recent en hardnekkig. Klik op een geval voor meer detail.


MEI 2025

EcoSolution Limited, VAE / Hongkong — FRAUDE


2023-HEDEN

Palmolie via China: structureel omzeilen van EU-regels — STRUCTUREEL


STRUCTUREEL

Certificeringsvolumes boven fysieke productiecapaciteit — SYSTEMISCH


DEC 2025

Henan Zhenghong Resources Environmental Engineering, China — UITGESLOTEN ISCC


DEC 2025

Zhongshan Bailina Lighting Electric Appliance, China — UITGESLOTEN ISCC


OKT 2025

Alem Agro Holding, Kazachstan — UITGESLOTEN ISCC


SEP 2025

Zhoushan Dadi Bioenergy Technology, China — UITGESLOTEN ISCC


SEP 2025

Hubei Xinming Bioenergy Technology, China — UITGESLOTEN ISCC


Dit is een selectie. Bekijk de volledige ISCC-uitsluitingslijst →

TOELEVERINGSKETEN

De route van een liter “duurzame” brandstof

Hoe ziet de keten eruit als het misgaat? Van plantage tot tank, stap voor stap. Het systeem maakt het onderscheid onmogelijk voor de eindgebruiker.

📍 Palmolieplantage
Indonesië / Maleisië

🏭 Chinese raffinaderij
Export & bewerking

⚠️ Herlabeling als UCO/POME
FRAUDEPUNT #1

📄 Certificaat brievenbusmaatschappij
FRAUDEPUNT #2

📦 Import EU
‘gecertificeerde reststroom’

HVO100 in uw vloot
groen op papier

Schematische reconstructie op basis van gedocumenteerde fraudepatronen (DLG, T&E, BLE 2023-2025). Niet alle HVO100 volgt deze route, maar het systeem maakt het onderscheid onmogelijk voor de eindgebruiker.

DE VOLGENDE REALITEIT: HOGERE PRIJZEN

Wanneer aanbod krimpt, stijgt de prijs

Strengere Europese regelgeving. CO₂-heffingen op transport. Aanscherping van controles op biobrandstoffen. Wanneer het aanbod van “echte” duurzame volumes wordt beperkt, stijgt de prijs. Dat is geen opinie, dat is marktwerking.

Bedrijven die volledig afhankelijk zijn van HVO krijgen dan te maken met hogere kosten, beperkte beschikbaarheid en onzekerheid over hun duurzaamheidsrapportages. Een tijdelijke oplossing wordt dan een structurele kwetsbaarheid.

Waarom houdt dit systeem nu stand? Deels omdat het politiek uitkomt. In de EU tellen geavanceerde biobrandstoffen zoals HVO dubbel mee voor duurzaamheidsdoelstellingen. Zolang de certificaten blijven binnenkomen, is er weinig institutionele prikkel om de keten werkelijk te doorlichten.

● RISICOSIGNAAL NA 2026

Niet een kwestie van óf, maar van wánneer

Hetzelfde patroon zagen we bij vaste biomassa: jarenlange kritiek, gedocumenteerde misstanden, en dan een abrupte aanscherping. Experts verwachten dat nieuwe Europese CO₂-heffingen (ETS2) de pompprijs verhogen met

€0,70 per liter. In een scenario waarbij

ook de olieprijs stijgt, is een prijs richting €3,00 per liter realistisch. Bedrijven die nu zwaar inzetten op HVO100 bouwen blootstelling op aan reputatierisico én kostenrisico tegelijk.

Bron: UFOP / Biofuels News →

MILIEUBALANS

Wat echte verduurzaming wél vraagt

Echte verduurzaming vraagt om energiebronnen die fysiek kloppen. Niet alleen administratief. Dat betekent: korte, controleerbare ketens; productie uit aantoonbare reststromen; transparantie over herkomst; regionale beschikbaarheid; schaalbaarheid zonder internationale afhankelijkheid.

Elektrificatie is logisch waar het kan. Maar voor zwaar transport en energie-intensieve toepassingen blijft brandstof noodzakelijk. Daar ligt de strategische vraag.

Zelfs wanneer palmolie openlijk als palmolie wordt geclassificeerd en niet als reststroom, gaat de productie gepaard met grootschalige ontbossing in Zuidoost-Azië. Wanneer de werkelijke herkomst wordt meegerekend, is de milieubalans van grootschalig HVO100-gebruik in veel gevallen slechter dan die van fossiele diesel.

“Wanneer de werkelijke herkomst van de feedstock wordt meegerekend, is de milieubalans van grootschalig HVO100 gebruik in veel gevallen slechter dan die van fossiele diesel.”

BRON: DLG — BIODIESEL: THE SCAM WITH HYDROGENATED VEGETABLE OILS →

WAAROM BIOGAS FUNDAMENTEEL ANDERS IS

HVO is een tussenfase

HVO is niet per definitie slecht. In beperkte volumes, met echte reststromen, kan het waardevol zijn. Maar het is geen eindstrategie. Bedrijven die hun verduurzaming volledig ophangen aan HVO, bouwen op een fundament dat afhankelijk is van schaarse grondstoffen, internationale handelsketens, administratieve certificering en veranderende regelgeving.

Biogas wordt geproduceerd uit lokale en regionale reststromen: mest, slib, organisch afval. De keten is kort. De herkomst is controleerbaar. De volumes zijn gekoppeld aan fysieke productie in Europa. Het is geen wereldwijde handelsstroom gebaseerd op certificaten, maar een lokaal energiesysteem. Dat maakt het structureel robuuster.

CriteriumHVO100 (huidig)Biogas
Frauderisico ketenHoog ↑Laag ↓
CO₂-reductie (aantoonbaar)Onzeker ~Hoog ↑
Prijsrisico na 2026Hoog ↑Matig ~
Schaalbaarheid reststromenReeds overschreden ✕Groot potentieel ↑
Risico bij regelgevingHoog ↑Beperkt ~

De ongemakkelijke conclusie

De energietransitie vraagt om keuzes die standhouden: ook wanneer de regels veranderen, prijzen stijgen en controle wordt aangescherpt. Bedrijven die nu durven kijken naar structurele oplossingen bouwen aan een strategie die niet afhankelijk is van schaarste of papier.

De vraag is of HVO over vijf jaar nog steeds de basis van uw duurzaamheidsstrategie kan zijn.